Hoe werkt de huurwaarborg in de sociale woningen in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest?

Er zijn drie mogelijke waarborgen:

1) Storting in speciën waarna het bedrag op een individuele rekening op naam van de huurder wordt gestort

In dit geval bedraagt de waarborg tweemaal de reële huurprijs, zoals bepaald in artikel 15 van de standaard huurovereenkomst. Het bedrag van de huurwaarborg moet minstens 429,95 euro en maximaal 1.289,83 euro zijn (bedragen voor 2018).

De huurder stort het bedrag van de waarborg in 1 keer op de rekening van de verhuurder. Een gespreide betaling van de huurwaarborg is niet mogelijk. Vervolgens stort de verhurende maatschappij het bedrag op een individuele rekening geopend op naam van de huurder. De rente wordt gekapitaliseerd aan de huurder.

Op verzoek van de betrokken huurder kan het bevoegde OCMW het bedrag van de huurwaarborg aan de huurder voorschieten. Daarna stort de huurder het bedrag op de rekening van de verhuurder die het op zijn beurt op een individuele rekening geopend op naam van de huurder zet. 

Om van deze mogelijkheid gebruik te maken, moet de huurder voldoen aan de vereiste toekenningsvoorwaarden voor OCMW-tussenkomst wat betreft de samenstelling van een huurwaarborg.

2) Bankwaarborg

Een bankwaarborg bedraagt driemaal de reële huurprijs, zoals bedoeld in artikel 15 van de standaard huurovereenkomst. De waarborg mag in dit geval niet lager zijn dan 429,95 euro en niet hoger dan 1.289,83 euro (bedragen voor 2018).

Voordelig voor u als huurder is het feit dat u een bankwaarborg progressief kan samenstellen. Dat wil zeggen dat u gedurende maximum 36 maanden constante maandelijkse betalingen kan doen om zo tot het totaalbedrag te komen.

De financiële instelling of bank staat in dit geval borg voor het totaalbedrag vanaf het moment dat de huurovereenkomst ingaat. Kiest u als huurder voor een bankwaarborg? Dan richt u zich tot de bank waarbij u een rekening hebt waarop uw beroeps- of vervangingsinkomen wordt gestort.

Als u als huurder niet langer uw beroeps- of vervangingsinkomen bij de bank in kwestie stort, mag deze meteen het totaalbedrag van de huurwaarborg opeisen, los van de mogelijkheid om dit over te brengen naar een andere financiële instelling.

De financiële instelling kan een bankwaarborg niet weigeren omwille van de kredietwaardigheid van de huurder. De huurder is geen enkele debetrente noch kosten verschuldigd aan de financiële instelling. De bank keert de rente uit aan de huurder zodra de huurwaarborg volledig is terugbetaald.

De financiële instelling beschikt over de voorrechten van het gemeen recht ten opzichte van de huurder als die zijn verplichte, constante maandelijkse betalingen, niet naleeft.

De bank vult een formulier in dat bevestigt dat er een huurwaarborg werd toegekend en dat u aan de eigenaar moet bezorgen.

3) Bankwaarborg die voortkomt uit een standaard huurovereenkomst tussen een OCMW en een financiële instelling

In dit geval bedraagt de waarborg driemaal de reële huurprijs, zoals bedoeld in artikel 15 van de standaard huurovereenkomst. De huurwaarborg moet bovendien minstens 429,95 euro en maximum 1.289,83 euro zijn (bedragen voor 2018).

Gezien de overeenkomst tussen het OCMW en de bank verbindt de bank zich ertoe de eigenaar het bedrag van de bankwaarborg te betalen in naam van het OCMW, als de betrokken huurder zijn verplichtingen niet nakomt.

Dit type bankwaarborg verschilt van de vorige onder meer door het feit dat het OCMW zélf de aanvraag voor de bankwaarborg indient bij een financiële instelling. Dat moet niet noodzakelijk de bank van de betrokken huurder zijn. Die bank kent vervolgens de bankwaarborg toe aan de verhuurder.

Deze financiële instelling vult een formulier in dat aan de verhuurder bevestigt dat er een huurwaarborg is toegekend. Dit formulier overhandigt u aan de eigenaar. De tussenkomst van het OCMW moet niet vermeld staan op het formulier.

Het gaat niet om een morele borgstelling. Het OCMW moet de fondsen niet mobiliseren bij de financiële instelling.

We lezen op http://www.ocmw-info-cpas.be/:

“De bankwaarborg is een kredietvorm waarmee een bank zich ertoe verbindt een bepaald bedrag te betalen voor rekening van haar klant (het OCMW) indien deze laatste (eigenlijk de begunstigde van de huurwaarborg) een verplichting niet zou nakomen (de huur betalen binnen de vastgestelde termijnen, het gehuurde goed onderhouden, de herstellingen die hem ten laste vallen uitvoeren, het pand in goede staat teruggeven na afloop van de huurovereenkomst, ...) waartoe hij zich heeft verbonden ten opzichte van een derde (de verhuurder). In dit systeem dient het OCMW zelf geen fondsen te blokkeren om de goede uitvoering te waarborgen van de verplichtingen van de persoon die de toekenning van een huurwaarborg gevraagd heeft.”

enlightenedOpmerking

Men is verplicht om bovenstaande 3 vormen van huurwaarborg aan de huurder voor te stellen.

Als de huurder geen keuze maakt, kan men hem voorstellen om als waarborg 3 maanden huur te betalen. Hij mag ook een derde hiervan betalen bij de ondertekening en het saldo opdelen in maximaal 12 maandelijkse schijven. Dat was namelijk het systeem vóór de hervorming van de huurwaarborg.

Hiervoor moet wel een bijlage ondertekend worden. De waarborg plaatst men dan op een geblokkeerde rekening na betaling van het saldo.